La Grande Bouffe in Les Gorges de Pennafort

In Zuid-Frankrijk wemelt het van de restaurants. Maar hoe weet je of je de juiste keuze maakt? Beroemde en minder beroemde eetgidsen geven lang niet altijd de gewenste of correctie informatie. Kent u ook een restaurant dat eigenlijk een heel andere beoordeling verdient? Heeft u ervaringen die u graag met anderen deelt? Reageer dan onderaan dit bericht.

Er kwam een gewaardeerde vriend langs, uit Nederland. Dat betekende onvermijdelijk dineren. We lieten hem de keus: hamburger met patat, of serieus. “Serieus natuurlijk”, schaterde hij door de telefoon. Het lachen verging hem overigens vrij snel, want op het vliegveld van Nice kwam hij erachter dat zijn rijbewijs nog in de auto op het parkeerterrein van The Hague/Rotterdam Airport lag. Belachelijke naam trouwens: The Hague/Rotterdam Airport, moderne dikdoenerij. Voor mij als geboren Rotterdamse blijft het gewoon Zestienhoven, niks mis mee. Maar goed, de rijbewijskwestie werd keurig opgelost door de autoverhuurmaatschappij op Nice, en met slechts twee uur vertraging kon mijn vriend opgewekt de weg op.
We spraken af elkaar rond acht uur te treffen in Hostellerie Les Gorges de Pennafort nabij Callas (Var), getooid met 1 Michelinster: voor een goede vriend moet je wat over hebben tenslotte. Ik was er in geen jaren geweest, maar alles zag er vertrouwd uit, ik herkende zelfs nog een aantal personeelsleden: weinig verloop dus, altijd gunstig.
Wel viel het me op dat het angstwekkend stil was. Je zou verwachten dat zo’n gerenommeerd eethuis tegen het weekeinde stampvol zit. Maar ons tafeltje bleef tot halverwege de avond -toen er een kluitje nauwelijks uitvergaderde ITC-ers neerstreek- de vrijwel enige met een paar gasten. Ik weet niet goed waarom, maar dat eet niet prettig! Zeker niet als vervolgens zo’n clubje zakentypes nogal luidruchtig is.
Het personeel was op volle sterkte aanwezig, wat betekende dat de verhouding eters/bediening het eerste deel van de avond 1 op 3 ½ bedroeg. De gérant niet meegerekend, die op enige meters afstand de gebeurtenissen aan ons tafeltje als een feldwebel in de gaten hield. Ik verwachtte dan ook letterlijk op de vingers getikt te worden, elke keer dat ik mijn bordje niet helemaal leeg at. Want dat deed ik niet. Ik ben geen grote eter, dus ik had uit voorzorg al voor twee voorgerechtjes gekozen, waar mijn tafelgenoten een voor- en een hoofdgerecht uit de kaart prikten. Maar wat er daarna ter tafel kwam was zelfs voor een Rotterdamse bootwerker nog niet te behappen geweest. Borrelhapjes bij het aperitief (waar ik wijselijk vanaf bleef), niet één maar twee ruim bemeten amuses, gevolgd door het voorgerecht: in mijn geval (ik had een ‘slaatje’ besteld) een giga-bord volgestapeld met salade, asperges, zontomaat, truffel en grote moten kreeft. Mooi gerecht, daar niet van, maar veel te veel; ook mijn tafelgenoten hadden moeite met het hunne.
Er was amper pauze, voor het ongevraagd ingelaste tussengerecht werd opgediend, niet veel later gevolgd door een spoom, een glas schaafijs met citroen, ter verfrissing. Afblijven!, wist ik uit ervaring; zo’n koude klap overleeft je maag niet zonder hevig te protesteren. Het fris was nog niet afgeruimd of het volgende tussengerecht stond al voor m’n neus, ook niet om gevraagd, ook niet in z’n geheel weg te krijgen. Maar niet getreurd: tijd voor het hoofdgerecht. En al was het in mijn geval opnieuw een voorgerecht, de portie was wederom overweldigend. Dus weer at ik mijn bordje niet leeg, de feldwebel begon steeds afkeurender te kijken, ik schoof steeds ongemakkelijker op mijn stoel.
Er werd een bediende langs gestuurd met extra brood. “Nee dank u, voor mij niet.” Het mocht niet baten, het broodje werd gewoon voor mijn neus langs op mijn bijbordje geschoven. Ik kreeg visioenen van hongerende kindertjes in Afrika en schaamde me diep. Maar dat was snel over toen ik van mijn tafelgenoten ook nog een dessert kreeg opgedrongen, dat ik helemaal niet wilde. Kreeg ik eerst een ‘pré-dessert’. En halverwege het eigenlijke dessert ook nog een tweede toetje ‘van het huis’.
Hoezo? Dit had niets meer met gastvrijheid en gulheid te maken, dit was dwingelandij van een kok die per se wilde laten zien wat hij allemaal letterlijk en figuurlijk in huis had. De optelsom van deze avond bedroeg tien (!) gerechten, waarvan slechts twee zelf gekozen.
Ik begon te vermoeden waarom het zo stil was. Wie hier eenmaal geweest is, durft nooit meer terug te komen. Óf omdat je bang bent straf te krijgen als je je vele bordjes niet leeg eet, of omdat de huisarts het je om gezondheidsredenen ernstig ontraden heeft. Volgende keer toch maar hamburger patat, maar ik moet er nog even niet aan denken. Al dágen niet.
Ik weet niet wat het is met die sterrenrestaurants. Lang geleden, ten tijde van de ‘nouvelle cuisine’, werd er geklaagd over de minimale porties. Tegenwoordig krijg je veel teveel voorgezet. Vaak van topkwaliteit, dat is het punt niet.
Maar het zou me niks verbazen als restaurants de economische crisis proberen te bestrijden door er een schepje bovenop te doen: als alleen kwaliteit de klant niet meer over de drempel trekt, dan moet de kwantiteit het maar doen. Anders zijn de tarieven echt niet meer te rechtvaardigen.

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

3 gedachten over “La Grande Bouffe in Les Gorges de Pennafort

  • zo 12 december 2010 om 01:09
    Permalink

    …nou. Euhh., ik ben niet geschrokken.Wil er dus wel eens eten.

    dank dus voor tip

    Beantwoorden
    • ma 13 december 2010 om 11:31
      Permalink

      Met alle respect: ik ga juist een restaurant met ster, of sterren, uit de weg. Ik heb een voorkeur voor landelijk gelegen auberges met een verfijnd plattelandsmenu. En die zijn er wel als je goed om je heen kijkt.
      Zo gaan wij trouwens op kerstavond een heerlijk vorkje prikken in een auberge in Beaumes de Venise waar o.a. les treize desserts de Noël geserveerd worden.
      En op eerste kerstdag schuiven we aan in de Drôme Provençale waar we al jaren heel graag eten. En met kerst doet men er graag nog een schepje bovenop. De menu’s in beide restaurants zijn overigens zeer goed samengesteld en de verschillende gangen sluiten goed op elkaar aan. Hier heb je helemaal niet een volgeladen gevoel en eet je met smaak in een knusse ambiance in een werkelijk prachtig gebied.
      Bon apétit!
      Groet, Esther

      Beantwoorden
  • ma 13 december 2010 om 12:36
    Permalink

    Ik ben ook geen sterren-freak, maar als een goede vriend erom vraagt…. Ben het met je eens dat je uitstekend kunt eten in (streek)restaurants die niet door het Bandenmannetje zijn uitverkoren. Fijne feestdagen alvast!

    Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: