Feest op het dorp

We reden voor een vergeten boodschapje en de krant naar het dorp. Een gewone zondagochtend tegen aperitieftijd. Doorgaans is het dan doodstil op de weg, maar dit keer kwamen we de ene na de andere oldtimer tegen. “Zeker weer zo’n toertocht”, opperde ik tegen de echtgenoot terwijl ik bewonderend een schitterende Traction Avant nakeek en iets te ver de rotswand op rechts instuurde.
“Let jij nou maar op de weg”, nurkste hij terug; zondagochtend voor het apéro is niet zijn sterkste weekmomentje, zullen we maar zeggen.
‘O God, hommeles’, constateerde ik toen we het dorp binnenreden en meteen in een file belandden. Er was feest op het dorp. Met achtereenvolgens en tegelijkertijd een pétanque-concours, een expositie van ‘voitures de collection’, een collectieve lunch van de dorpsvereniging en een ‘hommage à Johnny Hallyday’ waarbij een imitator van de verscheiden zanger zou optreden. En dat allemaal op de grote parkeerplaats en het naastgelegen weiland waar je normaal gesproken zelfs bij een toeristische invasie je auto nog wel kwijt kon, maar waar nu dikke dranghekken voor stonden. Ik kachelde door tot voor de tabac en parkeerde strategisch tussen de standaards met ansichtkaarten (jawel, die hebben we hier nog, ze worden zelfs nog gekocht) zodat de echtgenoot naar binnen kon wippen voor de krant en ik een snelle oversteek naar de épicerie kon wagen. Met de nadruk op wágen: de file reed dan wel langzaam, maar zéér vastberaden door en iedereen die een parkeerplekje meende te ontwaren dook er vol gas in.
We kwamen elkaar weer tegen bij de voiture.
“Glaasje doen?” opperde de echtgenoot. Het caféterras was nog niet helemáál vol, Nina – onze favoriete serveuse – had al uitnodigend gezwaaid.
“Graag. Ga ik wel even een parkeerplek zoeken.”
“Maar je staat hiér al”, riposteerde de echtgenoot.
“Maar dit is pal voor de tabac! Hier kan ik toch niet blijven staan? Dit is net zoiets als ‘kiss & fly’ op het vliegveld.”
“Ben je de champêtre vergeten? Je màg hier staan, het is gewoon een officiële parkeerplaats.”
Hij had gelijk. Ooit hadden we een plekje aan de zijkant van de tabac gekozen om niet in de weg te staan. Terwijl ik in het winkeltje was, werd de wachtende echtgenoot door de dorpsveldwachter aangesproken en de les gelezen: “Hier mag u niet staan. Nee, ook niet met draaiende motor, als wachtende passagier. Dáár mag u staan, dát is wettig een parkeerplaats.” En hij had dwingend naar het krappe plekje voor de tabac gewezen.
“Mooi zo.” Ik gooide de auto op slot, we gingen een glaasje doen. Aan de overkant van het pleintje keek de champêtre demonstratief de andere kant uit.
Vanachter een glaasje rosé zagen we een geweldig défilé van klassiekers voorbij komen die allemaal op de parkeerplaats onderaan het dorp een plekje vonden. We besloten er een kijkje te nemen. En net op het moment dat we naar beneden liepen langs de uitbundig tafelende dorpsvereniging pal voor het parkeerterrein, schalde er een oorverdovend lawaai uit de manshoge speakerboxen op het podiumpje ernaast. Een beetje fout uitgepakte soundtest. Het mocht de pret niet drukken.
We scharrelden tussen de fraaie old timers rond toen ik ineens door een trillend akkoord de oren spitste. De Hallyday-imitator was zijn act begonnen, en goed ook. Ik ben fan, al jaren, van de in Nederland vaak een beetje lacherig afgedane Franse superster (die trouwens eigenlijk Belg was). En de man die nu op dat kleine podiumpje een van m’n favoriete nummers inzette – Que je t’aime – trok een strot open die Hallyday waardig was.
“We blijven lunchen”, zei ik tegen de echtgenoot.
De Serviër van de pizzeria grijnsde toen ik vroeg of hij nog een tafeltje kon ritselen. En ritselde een tafeltje. Feest!

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

5 gedachten over “Feest op het dorp

  • do 30 augustus 2018 om 18:56
    Permalink

    Zo te zien in ieder geval een James Bond auto, de Aston Martin DB4

    Beantwoorden
    • do 30 augustus 2018 om 19:27
      Permalink

      Ik heb niet gecheckt of er een schietstoel in zat…

      Beantwoorden
  • zo 2 september 2018 om 10:44
    Permalink

    Johnny,..het yeye tijdperk toen de fransen dachten dat er van elke angelsaksische popsong een franstalig doorslagje diende gemaakt te Worden. SLC.

    Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: