Een duik in de cave

Even naar de cave, altijd leuk tijdens de vendange. En ik wilde ook weleens met eigen ogen zien wat al die wijnboeren bij de cooperative komen afleveren. De druivenpluk rukt me al bijna een week in het holst van de ochtend uit de slaap, als de trekkers-met-aanhanger onder veel geraas en gereutel langs komen denderen over het bergpad aan de overkant van de rivier. Geluid klinkt hier tussen de bergen ver en hard. Zeker in de koude, vroege ochtenduren, als zelfs de vogels nog in hun nest liggen en samen met de cicaden wachten tot de zon hun boom heeft opgewarmd.
Bon, naar de cave dus. Het was er druk, de trekkers stonden in de rij voor de stortkoker. Ik plaatste mijn bescheiden bestelling bij de kassadame in de keurige winkel van de cave ernaast. “Mooie oogst?” vroeg ik terwijl ik afrekende.
Ze mochten niet mopperen: “Beetje minder dan vorig jaar, maar wel topkwaliteit. Vanwege het weer”, voegde ze er ter verduidelijking aan toe.
Ik knikte begrijpend. Een geheel verregend voorjaar met een paar fikse hoos- en hagelbuien die lang niet alle druiven hadden doorstaan, maar daarna een lange periode van extreem warm weer dat de overgebleven druiven uitstekend had laten gedijen. Ik nam een kijkje bij de stortkoker om ‘mijn’ wijn van volgend jaar te begroeten. Er manoeuvreerde net een trekkerboer zijn aanhanger voor de gapende mond van de grote betonnen kuil, waar langs de schuin aflopende bodem een enorme kurketrekkerachtige transportschroef de druivenboel verder afvoerde naar de catacomben van de cave.
“Je treft het”, zei de man die aan de caveknoppen zat, “Raymon is een meesterdruivenstorter”, doelend op de trekkerboer die net van z’n tractor afsprong om z’n overvolle aanhanger nog wat rechter voor de stortkoker te wrikken. Raymond grinnikte schaapachtig terwijl hij zijn duim opstak naar de knoppenman. Behendig klom hij weer op z’n trekker en liet het hydraulische systeem van de aanhanger langzaam in de kiepstand zetten. Het piepte, het kraakte; er viel geen druif in de stortkoker. Achterklep vergeten los te maken. “Dat bedoel ik”, zei de knoppenman grijnzend. Raymond vond het minder geslaagd, de klep bleek muurvast te zitten. Maar met een paar ferme tikken van een geleende hamer kwam het toch nog goed.
“En nu?” vroeg ik verwachtingsvol aan de knoppenman. Ik vermoedde dat hij de kurkentrekker wel in werking zou stellen.
“Nu wachten we tot er flesjes omheen groeien en dan leggen we ze weg tot volgend jaar.” Humor.
Blijkbaar keek ik minder dom dan ik blond ben, want hij haastte zich uit te leggen dat de kurketrekker pas ging draaien als de stortkuil vol was. “Of ik misschien beneden wilde kijken?” bood hij ter compensatie aan. Dat wilde ik. Al bekoelde mijn enthousiasme enigszins toen ik het smalle ijzeren laddertje zag dat naar beneden voerde, maar dat hoefde de knoppenman niet te weten.
Wat ik – eenmaal beneden – zag was wel het laatste wat ik van een fatsoenlijke cave verwachtte. Her en der neergeplante RVS-tanks in alle soorten en maten, luikjes in de wanden naar andere tanks, afgebladderde muren vol vochtschimmels, overal slangen en kabels: kortom, een zooitje ongeregeld. En hier kwam dus ‘mijn’ wijn vandaan?
“Inderdaad”, verklaarde de knoppenman, die ook nog eens de bedrijfsleider bleek te zijn, “het ziet er misschien een beetje authentiek uit, maar hier hebben we de ideale omstandigheden voor onze wijnen. We hebben niet voor niks dit jaar nog goud gewonnen op de Foire de Brignoles.”
Daar had hij een punt, de wijnen uit deze cooperative zijn helemaal niet verkeerd. En dat van die medaille klopte, al krijgt vrijwel elke deelnemende wijn een of andere medaille bij zulke wijnbeurzen. Maar die witte had ik toevallig zelf ook erg lekker gevonden. En zoals de echtgenoot altijd zegt als ik een innovatie voorstel, bijvoorbeeld het ordenen van de kanalen op de televisie: “Als het werkt, afblijven!” Hij heeft helaas net iets te vaak gelijk gekregen.
We klommen het ijzeren trapje weer op, ik bedankte voor de rondleiding.
“Wat vond u ervan?” vroeg de knoppenman verwachtingsvol.
“Schitterend!”, zei ik naar waarheid, “niks meer aan doen.”

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

9 gedachten over “Een duik in de cave

    • do 13 september 2018 om 21:38
      Permalink

      Ik hou je op de hoogte!

      Beantwoorden
  • do 13 september 2018 om 19:08
    Permalink

    Leuk verhaal, ik was net gisteren met mijn gasten bij Domaine de Marotte in Carpentras. Geen cooperative maar eigen ( bio) bedrijf en dat gaat wat minder massaal te werk maar erg indrukwekkend en je loopt een toertje vanaf de druiven aan de planten – via de verschillende stations tussen de cuves en kelder- tot de dégustation aan de balie. Nu een gezellige drukte met veel plukkers uit Nl. Die er logeren of kamperen.

    Beantwoorden
    • do 13 september 2018 om 21:39
      Permalink

      Ja, leuk hè. ’t Is zo’n beetje de mooiste tijd van het jaar.

      Beantwoorden
  • do 13 september 2018 om 23:05
    Permalink

    Aah, om heimwee van te krijgen. Ik moet nodig weer eens die kant uit rijden.

    Beantwoorden
    • vr 14 september 2018 om 09:19
      Permalink

      Doen Angélique, gewoon doen! :-]

      Beantwoorden
  • vr 14 september 2018 om 13:33
    Permalink

    Mijn dochter had vroeger in haar tuin ook druiven die we , als de tijd er rijp voor was , plukten en naar de cooperative brachten . We hadden toen 3 kleine emmertjes vol, en toen we aan de beurt waren, na die grote trekkers, stortten we ze ook in de koker. Mijn kleindochter sprak toen de woorden die ik nooit zal vergeten” nous avons beaucoup hè oma”

    Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: