Beledigd!

Op het terras van het café op het dorp schiet ik betrekkelijk zelden uit mijn espadrilles. Lekker weer, Provençaals gezelschapje, wat zou ik me druk maken? Maar gisteren ging het mis. De mistral hield eindelijk even zijn vervelende wegwaaikop, we konden weer eens buiten zitten. Begin mei, en voor het eerst dit jaar moesten de parasols in stelling worden gebracht. Werd wel een keertje tijd ook trouwens. De toeristen waren er ruimschoots eerder.
Geen idee hoe dat tegenwoordig zit met al die vakantieperiodes in Europa, maar volgens mij zijn het er zo ongeveer ontelbaar veel. Kerst- en paasvakantie, daar weet ik nog wel van. Nu schijn je ook voorjaars- en meivakantie te hebben terwijl het al bijna zomervakantie is. Enfin, er waren dus toeristen op het terras en misschien omdat ik met een Nederlandse krant onder mijn arm uit de tabac was komen aanslenteren, werd ik pardoes aangesproken door een meneer van iets gevorderde leeftijd die zijn onderscheidende allure van zorgeloze vakantieganger onderstreepte met een frivole strooien hoed. Echt helemaal niemand in dit dorpje in het achterland loopt met zo’n attribuut rond, hier tieren de ‘casqettes de travail’ welig; je hebt al zo’n gratis bouwvakkerspetje te pakken als je een zak cement of drie planken en een pakje spijkers afhaalt bij de lokale bricomarché.
Maar deze heer droeg zijn hoofddeksel met de allure van een authentieke Van Gogh. Die laatste had – behalve met zijn schilderwerk – trouwens ook een vermogen kunnen verdienen met de merchandising van zijn strohoed. Maar ja, in zijn tijd kenden ze de kracht van marketing nog niet: Vincent moest zien te overleven op de toelages van zijn broer. Tegenwoordig zou hij ‘een sterk merk’ zijn geweest.
Maar ik dwaal af. Ik werd aangesproken op m’n krantje. En ja, ik lees nog steeds heel erg graag een knisperend klassiek papieren exemplaar. Zelfs al is ie bij de tabac alleen van (eer)gisteren verkrijgbaar. Gewoon, voor het bladerplezier, het gevoel van echt papier tussen je vingers, de geur van drukinkt. Voor de serieuze nieuwsgaring heb ik m’n abonnementen via het scherm. Maar een beetje snoeplezen op het terras met een glaasje rosé erbij is mijn mini ‘guilty pleasure’. Daarom loop ik weleens met ouderwets drukwerk over straat.
Ik had me net gemakkelijk geïnstalleerd aan het tafeltje van een paar dorpsvrienden met een glaasje rosé voor m’n neus, toen die strohoed een tafeltje verderop ineens tegen me zei: “Lekker hè, die Provençaalse limonade.”
“Pardon?” Ik heb weleens gehoord, vrij vaak trouwens, dat ik verrassend vuil kan kijken. Zal best, maar als dat zo is, dan had ik nu een tamelijk kansloos slachtoffer te pakken. Ik houd er al niet zo van om zomaar door wildvreemden aangesproken te worden. Maar als er dan ook nog eens met minachtende geringschatting over onze nota bene wereldwijd bewierookte rosé gesproken wordt in termen van ‘limonade’…
Aan ons tafeltje vroegen ze me waarom ik ineens met zoveel misbaar uithaalde in een taal die ze niet verstonden. Ik legde uit dat deze toerist de Provençaalse rosé voor limonade versleet. Bon, had ik misschien beter niet kunnen vertellen. Er brak zo’n Poolse landdag uit. Iedereen tetterde door elkaar heen. Wist die ‘monsieur’ wel dat er aardig wat alcohol in rosé zit, wist die (‘biep’) wel dat de lokale ‘cave’ net een gouden medaille gewonnen had op de landbouwbeurs in Parijs, besefte ‘l’étranger’ wel dat hij de trots van de Provence tot op het bot en tot diep in het vat gekrenkt had? Had die (alweer ‘biep’) überhaupt het begin van verstand van wijn? De strohoed rekende haastig zijn ‘café au lait’ af.
Toen de rust was weergekeerd, werd me op de man af gevraagd of dit nou was hoe alle Nederlanders over onze rosé dachten. “Natuurlijk niet! E zijn echt wel kenners. Ook in Nederland weten ze goede rosé te waarderen.”
Of ik me dan niet diep beledigd voelde, ik was toch een beetje van daar, maar vooral van hier? Ja, natuurlijk! Limonade? Het moest niet gekker worden.
We bestelden nog een fles en kwamen te spreken over onze wereldhitrosé. Dat ze nu in The Big Apple, in Tokio, Londen en Bangkok geen dag overleven zonder onze rosé. Zijn serieuze verkoopcijfers van, staat gewoon in de krant, ook de papieren.
Ze zijn hier terecht trots. Wereldkampioen voetbal, dat is heel Frankrijk. Wereldkampioen rosé, dat zijn ‘wij’. En je dan een beetje laten beledigen? Er zijn grenzen.
Voor het aperitief bij het avondmaal thuis trok ik een met goud bekroonde fles rosé uit onze dorpscave open.

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

23 gedachten over “Beledigd!

Laat een reactie achter bij Arie Reactie annuleren

%d bloggers liken dit: