Nabuurschap

do 30 juli 2020

“Hij moest echt dringend weg”, zei de buurman van een eind verderop met z’n allerbeminnelijkste glimlach, “of ik misschien de kat te eten wilde geven? En of ik dan ook meteen de moestuin kon bewateren als ik er toch was? Hij was heus, echt waar, over een weekje weer terug.”
Die weekjes kende de ik. Doorgaans werden het er twee, drie. En meestal dacht ie pas aan de kat (en belde dan in paniek op) als de eerste week ruimschoots verstreken was en de kat allang had besloten z’n dagelijks maaltje bij ons thuis te komen halen.
“Geen probleem”, glimlachte ik minstens zo beminnelijk terug, “doe ik graag.” Wetend dat die kat hooguit nog af en toe naar ‘zijn huis’ zou gaan om te kijken of dat er nog stond. En jawel, nog diezelfde nacht sliep hij boven, op m’n thuiskantoor.
De twee honden doen hem niks, hij loopt schouderophalend aan ze voorbij en eet gezellig met ze mee. Soms jat hij onder hun neus vandaan wat uit een hondenbak. Alleen onze eigen kat – een loepzuiver secreet eerste klas met een dominant rotkarakter – wil weleens moeilijkheden maken, maar die kijkt wel link uit als ik in de buurt ben. “Jullie houden van elkaar”, constateert de echtgenoot dan tevreden.
Dus wat de zorgplicht betreft: kat in ‘t bakkie. Alleen die moestuin, daarvoor moest ik toch wel het pad afsjokken om de boel te gaan bewateren. In het holst van de ochtend leek mee geen goed idee. Heb je net alles nat gekletterd, brandt de zon even later de hele handel genadeloos tot op de worteltjes af. Dat werd dus tegen de avond, zodat in de nachtkoelte het water de kans kreeg de gebarsten grond in te dringen. ‘Moestuin’ was trouwens wel een erg wijdse benaming voor het krap bemeten strookje onder het keukenraam. Ik zag wat tomatenstaken staan, een plukje kruiden, een tweetal mini-melons de Cavaillon, een rijtje Afrikaantjes (mag je die bloemetjes nog wel zo noemen tegenwoordig?) waarvan het moestuinnut me geheel ontging, en iets dat op courgette leek. Het zag er allemaal niet uit. Hoe erg de buurvrouw ook haar best doet, elk jaar opnieuw loopt de oogst op een totale deceptie uit. En dit seizoen had ik er helemaal een hard hoofd in. Zij is al een aantal weken geleden vertrokken, de zorg voor de moestuin aan hém overlatend. Dat was geen goed idee, zullen we maar zeggen. Hij is van de nonchalante variant. Hetgeen ook weer bleek toen in de tuinslang zocht die ik toch echt nodig had om de boel te kunnen besproeien. Ik vond hem uiteindelijk onder een struik waar een verdacht plasje water onderuit sijpelde; vergeten de kraan goed dicht te draaien. Bon, maar waar was die kraan? Ik volgde de slang naar de oorsprong. Dat bleek een gehavende oude wasmachine te zijn, een bovenlader (voor de kenners!) met binnenin geen trommel maar een katoenen sloop met daarin iets dat verdacht veel op een riante oogst aan ‘shit’ leek. Prima geheime bergplaats, je moet alleen niet aan de buurvrouw vragen de plantjes water te geven. Zoals gezegd, hij is van de nonchalante variant. En ik ben niet van de kliksoort, dus weten we nergens van. En erg opwindend is zo’n voorraadje speelgoedtabak nou ook weer niet.
Dat was de ontdekking die ik na een paar dagen bewateren deed wél! Er staken zomaar ineens vier fiere fleurs de courgettes boven het maaiveld uit. Frisgele bloemen, knisperend vers, heerlijk met een vulling van verse geitenkaas, even door de frituur gehaald in een knapperig beslagjasje met een snufje zout en een teentje knoflook. En hier in de wijde omgeving niet te krijgen. Zou ik ze meesnaaien? Nee, zo zit ik niet in elkaar. Ik belde de buurman.
“Wát? Kun je dat dan eten? Nou, je gaat je gang maar.” En o ja, hij bleef een paar daagjes langer weg. “Of ik…?”
Tuurlijk. Ik kan niet wachten tot m’n volgende oogst.

4 reacties op “Nabuurschap”

  1. Wat heerlijk: “mag je die bloemetjes tegenwoordig nog wel Afrikaantjes noemen” …..ik geniet elke keer weer van je columns Renée…..en vooral je recepten….

  2. Wat schrijf je toch elke keer weer heerlijke smeuïge columns Renée!
    Heerlijk om te lezen en er van te genieten!
    Veel sterkte de komende dagen met de hitte!
    Hartelijke groet.

  3. Robert van Elven

    Die afrikaantjes staan er niet voor niets. Afrikaantjes (Tagetes) doden aaltjes en zorgen ervoor dat mieren, witte vliegen etc. op afstand blijven.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Of reageer met je Facebook account

Scroll naar top