Bijgepraat op Zwarte Dinsdag

di 18 oktober 2022

Door Renée Vonk-Hagtingius

Tijdje uit de running geweest, de boel wel weer zo’n beetje op orde, en het was ‘mardi noir’, Zwarte Dinsdag, zo ongeveer het hele land in staking. Ik woon hier al een jaar of wat en zo’n staking maakt me weinig uit. Ben eraan gewend, zoals aan de verplichte sneeën ‘baguette’ bij de avondmaaltijd. En aan de weigering van Franse automobilisten om het fenomeen van de richtingaanwijzer te doorgronden. Volgens mij staat ‘het werk neerleggen’ in de Franse top-3 van nationale sporten.

Zwarte Dinsdag: prima weer

Het was dan wel Zwarte Dinsdag, maar ook heel lekker weer voor de tijd van het jaar. Graadje of 25 en volop zon. Ik dacht: als iedereen staakt, dan ik ook. Ik ging in mijn blote bloesje met een fles rosé op mijn terras zitten, mijn hond bleef liever binnen, vond het te warm zeker.

Ik besloot tot een middagje rondbellen. Om bijgepraat te worden door  vrienden en vriendinnen in de Provence, in Nederland en Vlaanderen.

Eigenlijk zag ik er tegenop. Is onaangekondigd bellen niet iets van lastigvallen? Maar ja, nieuwsgierig Aagje, dus toch maar wat nummers ingetoetst. Eerst dat van Roland en Marie in het dorpje dat het startpunt van mijn leven in Frankrijk was. ‘Hé Vonkje, je bent er weer’, klonk het in vertrouwd Brabants. En ja, er viel wat bij te praten.

Aan de hand van Moeder Mien

Het overlijden van Moeder Mien, dochter en schoonzoon, die ik al jaren zo noemde. Moeder Mien die me lang geleden na de nachtmis op kerstavond spontaan bij de arm nam en me naar haar huis ontvoerde. Ze had gemerkt dat ik een Nederlandse was die ‘en village’ nog bijna niemand kende. Ze trakteerde me op worstenbroodjes. Ze had het over een Brabantse specialiteit, ik had er nog nooit van gehoord.

‘Dan weet je zeker ook niet wie André Rieu is’, zei Moeder Mien. Ze zette een plaat op en ik hoorde voor het eerst die walsmuziek van de dirigerende violist die nu zo wereldberoemd is. Het zal een jaar of dertig geleden zijn, iets van een uur of twee ’s nachts. Sindsdien mag ik graag rondbazuinen en pochen dat ik Rieu nota bene in een Provençaals gehucht als bijna de eerste ‘ontdekt’ heb. Onzin natuurlijk, dat was Moeder Mien.

Een retourtje trein

Er was in mijn oude doerpje nog een sterfgeval geweest. De oude Haarlemse hippie Joost Zonderland was op de laatste trein gestapt. Hij had wel enige ervaring met de Franse spoorwegen. Per trein het land uitgezet nadat hij per ongeluk een grote boom had omgezaagd die de verkeerde kant op viel en op een elektriciteitskabel landde. Een deel van het departement ineens zonder stroom. Bij de Nederlandse grens uit de Franse trein gezet, nam hij de eerstvolgende terug naar het zuiden. Dat soort dingen kon toen nog.

Ik had even genoeg gehoord over de activiteiten van Magere Hein, schonk een glaasje rosé in en vond me niet uitgebeld. Dus eerst Carin, mijn beste vriendin in Nederland, die niet snapt dat niet iedereen levenslustig is. Ze was maar weer eens verhuisd, van Amsterdam naar de Kop van Noord-Holland en bracht hilarisch verslag uit van gedoe met haar nieuwe gemeente. Iets over wonen in een bedrijfspand. Ze maakte zich geen zorgen. Nooit eigenlijk.

Ik nam nog een glaasje Provençaalse limonade en tikte het nummer van mijn beste vriendin in Frankrijk in. Tot voor kort een een echte Autoriteit in de toeristenindustrie van het departement Var, gewoon een Nederlandse. Omdat ik weleens iets aardigs over de Var schreef, benoemde ze me ooit schaterlachend tot ambassadeur. Toen ik in het medisch circuit verzeild raakte, wist ze de weg en regelde routes die voor een ‘étrangère’ als ik eigenlijk geheim waren. Aan de telefoon vond ze me in topvorm. precies wat ik wilde horen.

Even overwoog ik mijn zoon te bellen, maar ik dacht: die belt zelf maar.

Ik wilde nog bellen met mijn andere vriendin in Nederland,  die niet toevallig Mensje heet, en met mijn Vlaamse vrienden Gie en Wiesje, die – zoals elk jaar – een half jaar in Portugal verbleven.

Je rijdt op reserve

Maar de echtgenoot kwam over de piste aan getuft. Het portier werd met een smak dichtgeslagen en ik wist genoeg: die is boos.

‘Vertel maar’, zei ik nadat ik glaasje had ingeschonken. ‘Geen benzine, zelfs niet bij die Citroën-garage in de stad verderop’.

In mijn dorp hebben we geen tankstation, het is 10 kilometer naar de dichtstbijzijnde pomp. Op het dashboard was er een lichtje gaan knipperen, je rijdt op reserve. En dan dus tevergeefs naar dat stadje, de stress van: haal ik het huis wel.

Ik ben soms begripvol, en attendeerde op zijn glaasje en de ondergaande zon. Een Zwarte Dinsdag ‘en Provence’, morgen zien we wel verder. Het ging al beter met die man toen ik over het avondeten begon: rijst met Indische boontjes.

7 reacties op “Bijgepraat op Zwarte Dinsdag”

  1. Lieve Renéé , blij dat je er weer bent , die zoon die belt zelf wel. Heb daar ervaring mee met m’n dochters. En de benzine komt ook goed , maar de rest is niet echt fijn wat er aan ”t gebeuren is , toch? Lieve groet vanuit de Dordogne.

  2. Liedy Van Maanen

    Terwijl ik zit uit te kuren van een nieuwe knie, verheug ik mij op de wekelijkse dosis belevenissen van U . Ik zou er graag het glas op heffen, maar ja pijnstillers en alcohol zijn niet zo’n beste combinatie.

  3. Cees en Margreet Edam

    Hallo Renee.
    wat fijn dat er weer bent ,wij hebben je gemist.
    Ik weet alles van een heup operatie want ik hep hem in aug. 2021 gehad .
    IK moest na 1 nacht naar huis en mocht niet naar boven,dus beneden op een verhoogt bed waar ik in de nacht uitviel.Maar het gaat nu weer goed. Ik hoop dat het met jou ook snel weer goed gaat veel sterkte.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Of reageer met je Facebook account

Scroll naar top