De claxon van de pianojuf

zo 16 augustus 2020

Door Dorine van der Marel

Toen we hier net kwamen wonen, negen jaar geleden, was één van onze hoogste prioriteiten: integreren in het Franse dorpsleven. Wij zouden niet van die buitenlanders worden die samen gingen klitten met onze eigen taalgenoten, we kenden al een aardig mondje Frans en daar waren we trots op.
We gingen naar alle dorpsfeesten en diners en dat was nauwelijks een opgave, want alles was even bijzonder en opwindend. We waren figuranten in een romantische Franse plattelandsfilm met de lange gedekte tafels onder de abri bij het schooltje of op het dorpsplein, desnoods in de feestzaal bij slecht weer. De Franse schlagermuziek, bij een bal of disco, waarop stokoude dorpslegenden hun walsen dansten tussen de springende peuters van de jongste generatie en een paar verveelde pubers langs de kant. De stokbroden, Franse kazen en natuurlijk de overvloed aan wijn, het was een andere wereld.
Ook was ik fanatiek hulpmoeder voor het basisschooltje in ons dorp. Ik maakte lange wandelingen in de omliggende heuvels met de complete school die uit niet meer dan 30 kinderen van 2 tot 11 jaar bestond. Ik begeleidde een groep bij het langlaufen, sloot de rij bij de fietstochten en zat in de organisatie van het eindejaarsfeest.

Het filmische is er af
Onze zelf-georganiseerde etentjes, barbecues en feestjes waren meestal een uitputtingsslag. De genodigde vrienden kletsten vrolijk en rap door elkaar heen met hun zuidelijke accent en wijzelf waren vooral met aangebrande worsten, pastasalades en blanquette bezig, waarna de Franse gesprekken nog tot diep in de nacht door mijn hoofd maalden, maar we deden ons best.
Inmiddels zijn wij de feestjes een beetje moe. Het filmische is er af, we kunnen geen Franse chansons meer horen en de kinderen gaan al lang niet meer naar het basisschooltje. Als ik nu op straat een willekeurige dorpsgenoot tegen kom zegt deze consequent ‘On te voit plus,’ we zien je nooit meer. In dat zinnetje schuilt zonder twijfel een verwijt, we doen te weinig mee aan de sociale dorpsverplichtingen, er wordt over gekletst. Misschien zijn we toch stadser dan we dachten.

Er werd schande van gesproken
Maar sinds kort ben ik weer aan het her-integreren en dat dankzij onze nieuwe kozijnen.
De kozijnen waren al voorbehandeld met een witte grondverf toen ze geleverd en geplaatst werden en zagen er daarom een beetje gelikt uit. De eerste golven van dorpscommentaar bereikten ons al snel. Langs hun neus weg kwamen verscheidene buren allervriendelijkst informeren of de kozijnen toevallig van pvc (plastic) waren, er werd natuurlijk al schande over gesproken. Wij konden iedereen gelukkig geruststellen dat geheel in de stijl van het dorp ook onze kozijnen in hout waren uitgevoerd, maar reeds in de grondverf gezet.
Mijn vader was speciaal overgekomen om ons te helpen met het aanbrengen van de definitieve olijfgroene verflaag. Hij begon zijn klus op de verdieping en ik op de begane grond.
En daarmee begon mijn herintegratie en ik schoot geen bal op.

De weduwe in het zwart
Iedereen die langs kwam lopen bleef even een praatje maken. De dame met poedel die wel een relatie heeft, maar altijd alleen is, vond het jammer dat het wit verdween, want dat was juist zo mooi. De zwaar religieuze weduwe van de overkant die pas sinds twee jaar weer kleur mag dragen nadat ze 10 jaar lang na het overlijden van haar man zwart had gedragen, was juist enorm opgelucht dat het groen werd. De grote stevige meneer met bouvier gaf me een ’vingt sur vingt’ (een dikke 10) voor mijn schilderwerk en de oma van een voormalige klasgenoot van onze kinderen stortte haar hart uit over haar slechte gezondheid door de stress die haar oudste, ranzige kleinkind met zijn foute vrienden haar bezorgde. Uiteindelijk stond ik haar uit te leggen hoe ze dagelijks een kwartiertje moest mediteren.
Adem in … adem uit.

‘Ik probeerde me niet opgelaten te voelen’
De Duitse weduwe van een voormalige architect die al decennia in Frankrijk woont vond groen helemaal niks, maar werd iets milder bij het zien van de olijvige tint. Onze eigen ‘Willempie’ die regelmatig even langs komt om te vertellen hoe het weer is, bood aan het puin voor onze de deur, veroorzaakt door de plaatsing van de ramen, weg te scheppen. Ik moest wel even mijn trappetje af om een schep voor hem te halen en vervolgens nog een keer voor de kruiwagen die een lege band bleek te hebben. Voordat ik het wist had hij een andere dorpsgenoot opgetrommeld met een pomp. Samen stonden ze mijn kruiwagen op te pompen terwijl ik stoïcijns dóór schilderde en mij vooral niet opgelaten probeerde te voelen.
Ik ben inmiddels dus weer een klein beetje deel van het dorp, een schilderend deel, maar de grootste overwinning was toch wel op de bejaarde pianojuf. Met haar hoog opgetoupeerde kapsel en haar strompelende herder die het leven al net zo moe is als zijzelf, gapt ze af en toe stiekem een stapel boeken mee uit de minibieb die buiten onder de arcades hangt.

Het parkeerincident
Mijn relatie met haar was al vanaf het begin verpest toen zij op een dag uit het straatje naast ons pand het plein op wilde rijden, maar de weg versperd zag door een onhandig geparkeerde auto van een onbekende. Irritant. Ik begrijp heel goed dat haar eerste impuls toeteren was. Helaas kwam daar niemand op af. Om achteruit het smalle straatje terug te rijden is behoorlijk wat vakkundigheid vereist en uitstappen om op zoek te gaan naar de eigenaar van de auto, daar leek ze weinig voor te voelen. Ze besloot vol te houden en hield de claxon permanent ingedrukt.
Ik probeerde ondertussen te werken, zat in mijn kantoor vlak naast de toeterende pianojuf en kreeg een ernstig concentratie probleem. Na tien minuten ben ik naar buiten gelopen.

‘Je continue!’
Ze draaide haar raampje omlaag en voorzichtig opperde ik in mijn beste Frans dat haar getoeter klaarblijkelijk weinig effect had, dat ik er best veel last van had en of het een optie was een andere oplossing te zoeken. Woest draaide ze haar hoofd van mij weg, richtte haar blik stuurs voor zich uit en sneerde verbeten:
‘Je continue!’
Vervolgens draaide ze haar raampje weer omhoog, voegde de daad bij het woord en zette haar zinloze getoeter voort. Sinds die dag toetert ze consequent als ze langs ons huis rijdt, al jaren.
Vandaag ben ik nietsvermoedend aan het schilderen als ze voorbijloopt. Normaal keert ze zich opzichtig van mij af, nu draait ze zich naar mij toe en geeft mij met haar allerliefste glimlach een compliment over de nieuwe kozijnen. Ze voegt er nog aan toe dat de kleur erg mooi en passend is.
Ik ben sprakeloos.

Dorine van der Marel verhuisde in 2009 met haar gezin naar Zuid-Frankrijk. Ze publiceert over haar belevenissen op haar blog http://krabbelsvando.blogspot.com

2 reacties op “De claxon van de pianojuf”

  1. Wat denkt u ?
    De auto van de pianojuf doet het niet meer…
    Binnenkort verwacht ik dat ze u zal vragen of ze de volgende keer dat u naar de grote stad gaat, met u mee kan rijden,
    Zo heb ik er meer gezien ?????

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Of reageer met je Facebook account

Scroll naar top