Kogels in de ochtendstond

wo 9 september 2020

Door Helena Jurriëns

Helena Jurriëns is eigenares van de chambres d’hôtes ‘Le Vent d’Etoile’ in Mormoiron in de Vaucluse. www.leventdetoile.nl

Vanmorgen werd ik iets na zonsopkomst gewekt door jachtgeweerschoten en bij het openen van de luiken van mijn slaapkamerraam ruik ik het. Ja, het is de eerste echte herfstdag.
Er hangt een dunne nevelsliert in het dal. En de geuren van houtvuurtjes en druivenmost mengen zich tot een echte herfst melange. De vendange is bijna voorbij en in het zwembad drijven de eerste bladeren van de vijgenboom.
Dit is voor mij het allermooiste seizoen in de Provence. De kersen- en abrikozenbomen en wijnvelden kleuren rood, geel en donkerbruin en het licht op de flanken van de Mont Ventoux is aan het einde van de namiddag onbeschrijfelijk mooi.
Gisteren hebben mijn hond Pax en ik een wandeling gemaakt door de wijnvelden rondom Sainte-Colombe. Ik heb gesnoept van druiven en de heerlijkste bramen. Heb walnoten en amandelen geraapt. En Pax volgde zijn jachtinstinct en was vrij snel verdwenen in het struikgewas. Ik was even neergestreken bij het Mariakapelletje en heb genoten van de ondergaande zon en onze oogst van de wandeling. Een warme chocolademelk of misschien toch een glaasje Calvados zou nu niet verkeerd zijn. Dus: “Kom Pax, we gaan naar huis!” Het leek op een gegeven moment ook wel of de kogels ons om de oren vlogen.

Stoofschotels en maaltijdsoepen
Ja, het jachtseizoen is open. En dan beginnen mijn culinaire inspiraties weer te kriebelen.
Ik kijk al uit naar de stoofschotels van wild en de maaltijdsoepen die in de winter langzaam op mijn houtkachel gaar pruttelen. De gestoofde peertjes en pruimen, het zelfgebakken brood en niet te vergeten de paddenstoelen. Ik ga weer paté en terrines maken van haas en fazant met appeltjes.
Mijn buurman vertrekt morgenvroeg weer voor zonsopkomst met zijn jachthonden richting Mont Ventoux. ’s Avonds komt hij dan thuis met soms een everzwijn of een hertje en enkele fazanten. Misschien komt hij morgenavond even bij me langs met een boutje voor mij van het een of ander, of een haas of een konijn.
Begrijp me goed: ik ben vóór de jacht, mits dit verantwoord wordt uitgeoefend. Want een beestje dat zijn hele leven vrij rondgelopen heeft in de natuur en hier een grasje en daar een kruidje eet, fris water drinkt uit de Toulourenc en dan geheel onwetend en onverwacht in één klap aan zijn einde komt, is toch iets vriendelijker dan de dieren die hun hele leven opgesloten hebben gezeten, vol stress in overvolle veewagens vervoerd worden naar het abattoir en dan opgejaagd door een stel veehandelaren, stijf van de adrenaline in de slachtlijn staan te wachten op een vreselijk einde.

Het gekraai van een haan
Maar het kan ook anders. Laatst was ik bij vrienden in Flassan. En na een heerlijke maaltijd met diverse (ik weet echt niet meer hoeveel) glazen rode Saint-Pierre besloot ik, in hoeverre ik nog toerekeningsvatbaar was, om de nacht toch maar daar door brengen.
’s Ochtends rond half 5 werd ik wakker door het gekraai van een haan. En nee hoor, nóg een haan! Ik lag dit een tijdje aan te horen en dacht me omdraaiend op mijn andere zij, ik zou toch nog best wel even willen slapen, kan iemand die beesten (bij wijze van spreken dan) hun nek niet omdraaien. Ja, zo denk je als je een nacht flink doorgezakt bent.
Opeens twee knallen van een jachtgeweer en daarna was het stil, doodstil, met de nadruk op dood. Waarschijnlijk de buurman die vanuit zijn slaapkamerraam met zijn karabijn een einde maakte aan het ochtendduet van twee van zijn hanenheren. Hierna heeft hij, dacht ik, zijn karabijn in de hoek naast zijn bed tegen de muur geplaatst en is weer tegen het warme lijf van zijn vrouw aangekropen.
Wat zal ze hem vanavond voorzetten? Ik denk ‘Coq au Vin’ en dan nog wel van twee hanen.

Beste Helena,
Ik heb lang geaarzeld of ik deze gastcolumn zou publiceren. Ik ben namelijk tegen de jacht. Maar op dit platform behoort natuurlijk ook – binnen zekere grenzen – ruimte te bestaan voor meningen die ik absoluut niet deel. Een buurman die uit frustratie zijn hanen afknalt, is dat jagen? Een verantwoorde jacht, waarbij een dier onwetend en onverwacht in één klap aan zijn einde komt? Lees je even mee? Klik hier. Het is maar één voorbeeld van wat er hier aan jagerstuig los rondloopt. Ik heb er meer, als je wilt. Jagers – uitzonderingen daargelaten – zijn geen diervriendelijke handhavers van natuur en milieu. Het zijn hufters met een hobby: moorden.
Dat moest ik even kwijt, mijn mening is ook een mening.
Renée Vonk-Hagtingius

2 reacties op “Kogels in de ochtendstond”

  1. Hallo René. Dank voor je reactie. Natuurlijk.. Er zijn ook hier idioten en dierenbeulen actief. Zeker op zondagmiddag hier op het platteland als ze zich een flink stuk in hun kraag gezopen hebben. Vreselijk. Ik rijd dan altijd flink claxonerend zo’n groep jagers voorbij. Maar als de jacht goed toegepast wordt zonder dierkwellerij en frustraties die op zo’n weerloos dier worden gebotvierd, dan kan ik me daar wel iets bij voorstellen. Beter dan bijvoorbeeld de jonge kalveren die op een eindeloos transport gaan en op een verschrikkelijke wijze aan hun einde komen in een abattoir. Of vee wat in schepen op zee vervoerd wordt in de brandende zon. En ga zo maar door.. Verschrikkelijk. Maar een dier wat onwetend zonder lijden aan zijn einde komt is toch iets anders.. En dat verhaal van de 2 hanen was een gedachtengang toen ik met een kater in bed lag. Is misschien helemaal niet echt gebeurd. Maar het was stil…… René… Ik begrijp je reactie.. Ik zal nooit een dier kunnen doden laat staan jagen. Maar Fransen vinden dit hun privilege. Dus….. Zonder onnodige dierkwellerij en frustraties botvieren op dieren kan ik me er iets bij voorstellen. Maar liever geen jacht..

    1. Kijk, Zuid-Frankrijk!

      Dag Helena, Dat is nu juist het probleem: er zijn meer idioten dan verantwoorde jagers, wreedheid is gemeengoed. Geldt – zoals je al aanstipt – ook voor de manier waarop er met ‘huisvee’ wordt omgegaan, dierenmishandeling, precies wat je zegt. Je zou er vegetariër van worden. Dat het ook anders kan zou de norm moeten zijn. Maar dat Franse privilege? Dat stamt uit de tijd van landheren en onderhorigen, in de Middeleeuwen. Zoiets als Willem Alexander zich nu nog denkt te kunnen permitteren, maar die is dan ook een ‘Orange’. Van dat privilege komt trouwens ook het couperen van hondenstaarten vandaan. Zo kon de rijke landjonker zijn jachthonden onderscheiden van het ingekorte kontje van het pauperhondje dat samen met zijn stropende baasje op dat landgoed niets te jagen had, de straffen waren streng. Pas na de Franse Revolutie kregen ook gewone burgers het recht om te jagen. Het couperen van staarten is al jaren verboden, maar het gebeurt nog steeds. Ondeskundig en illegaal, vaak door jagers. Vorige week net weer een ‘battue’ langs gehad hier ten plattelande: een drijfjacht waarbij het wild – doorgaans everzwijnen – wordt opgejaagd door een meute honden, recht naar de lopen van de ‘jagers’ die ze op hun gemakje zitten af te wachten in het geopende portier van hun in de berm van de départementale geparkeerde auto’s. Aangeschoten wild dat oninteressant is, of te moeilijk bereikbaar, laten ze gewoon kreperen. Dat noem ik niet ‘onwetend en zonder lijden’. Vandaar mijn nuancering.
      Renée Vonk-Hagtingius

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Of reageer met je Facebook account

Scroll naar top