Het jachtseizoen is geopend, het moorden is weer begonnen

Het jachtseizoen is hier weer geopend, en dat hebben we geweten. Om een uur of zeven vanochtend wakker geknald en geblaft door het ‘sportieve’wapenrapaille, dat er met hun standaard mishandelde honden in het holst van de ochtend op uittrekt om handenwrijvend nietsvermoedend rondstruinend ‘wild’ dat voor de loop komt, af te knallen.
Ik ben na een kwart eeuw Zuid-Frankrijk tamelijk ‘ingeburgerd’, maar tegen die dubbelloops lustmoordenaars blijf ik me hoe dan ook verzetten. Volgens de wet (tja, de wet…) geldt het jachtseizoen van begin september tot eind januari. Daar houdt geen hond zich aan, en al helemaal geen jachthond. Nog een bepaling is, dat jagers hun hobby niet dichter dan 50 meter van een woning mogen uitleven. Dan is het raar dat je de loodhagel uit je haardos kunt kammen als je het waagt er iets van te zeggen als het schorremorrie naast je zwembad ongecontroleerd op je eigen hond (“Ah, ceci n’est pas een renard?” “Nee, klootzak, dat is géén vos, dat is een rooie hond. MIJN rooie hond!”) staat te schieten. En dat er -als je even later nietsvermoedend met het andere (angstige) hondje een rondje door je tuin maakt omdat die ook moet poepen- gewoon gericht op je geschoten wordt, omdàt je iets te mekkeren had. Ik lig dus helemaal fout, in jagerskringen. Maar ik zal me tot mijn laatste snik verzetten tegen de ‘plezierjacht’ die hier ‘bon ton’ is. Kijk, ik heb ook in landen gewoond waar de jacht een wezenlijk onderdeel uitmaakte van het bestaan, van overleven, van wel of niet te eten hebben. Dát kan ik begrijpen en daar zul je me niet over horen. Maar met pleziérjacht moet je bij mij niet aankomen. Een zooitje zondagscavaliers die -godbetert- soms zelfs te belazerd zijn om het bos in te gaan en die vanuit het geopende voorportier van hun luxe terreinwagen aan de kant van de weg er maar zo’n beetje op los knallen in de hoop een per ongeluk voorbij passerend konijn het haasje te laten zijn. Gaan ze wèl het bos in, dan is dat doorgaans in een vinexwijk en dan staan ze al gauw gewoon bij mij of bij de buren op de stoep; er is hier weinig authentiek bos meer, en al helemaal geen authentiek wild. Het enkele loslopende everzwijn dat je zou kunnen treffen, is dankzij doorfok en verkeerd uitzetten, half gedomesticeerd; kom je er al eens eentje tegen, dan loopt ie gezellig mee naar huis. Zeker als je honden hebt (en dat hebben jagers), is het een simpel een-tweetje(drietje, viertje, enz.): hond = lekker eten = volle bak = makkelijk scoren = geen gedoe met zelf eten zoeken = aardige baasjes = we zijn hier thuis. Wilde everzwijnen zijn er amper nog, in dit gebied. Pief, paf, poef: jachttrofee.
“De jacht bestáát niet meer”, zegt mijn goede vriend Jean. “Traditie”, zeggen ze in het dorpscafé. Zal best, er zijn wel meer ‘tradities’ dankzij voortschrijdende beschaving gesneuveld. Of ze zouden moeten sneuvelen, zoals het stierenvechten dat ook hier nog steeds verdedigd wordt als ‘tradition’ en ‘héritage’ en ‘patrimoine’. En dat gelukkig ook fervent bestreden wordt door met name Jeanne Augier (de hoogbejaarde eigenaresse van het wereldbefaamde Negresco in Nice), en door Brigitte Bardot en haar fondation.
Het goede nieuws is dat een nieuwe generatie steeds minder belangstelling voor de jacht toont. Al 30 jaar loopt het aantal aanvragen voor het jagersexamen terug, althans in de Alpes-Maritimes, departement 06. In drie decennia is het aantal jagers bijna gehalveerd (- 49,3 procent). Er zijn er nu nog 8.777, in 1980 ruim 17.500. En de meeste jagers zijn nu ouder dan 55 jaar.
Dat zijn hoopvolle cijfers. Maar zolang er nog ‘trigger-happy’ jagersvolk in belachelijke guerilla-pakjes rond mijn huis paradeert, ben ik er niet gerust op dat ik een complete jachtstop zal meemaken. Dus als ik straks weer door geweergeknal en hysterisch huilende jachthonden uit mijn bed geknald wordt, ga ik er weer op af. Samen met mijn vervaarlijke herdershond (nadrukkelijk géén jachthond) Rex, die kogels desnoods terugkopt en die de opgefokte jachthonden graag even te woord staat. En aan inspraak doet ie niet. Ik ook niet trouwens: fout le camp!

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

Eén gedachte over “Het jachtseizoen is geopend, het moorden is weer begonnen

  • ma 13 september 2010 om 07:03
    Permalink

    Bonjour Madame, tja, in de tijd van “Maurin des Maures”… Moet je toch eens lezen, alhoewel in die boekjes staat de jacht centraal. Niets voor jouw. Ik ga met je mee in de aversie. Vooral als het knallen in je achtertuin plats vindt. Men zegt “tradition”. Ik geloof dat er voor de huidige jager meer iets nostalgisch aan de hele vertoning hangt. Het zijn overigens vrijwel altijd mannen, met alles drop en dran. Pief paf poef, in het weekend een beetje boef. Doe een bel om bij het paddenstoelen zoeken, en… Fluiten!!!

    Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: