Een rare week

Het begon al op zondag. Even lunchen bij Le Bistro de Benjamin, het aanleuneethuisje voor de gewone mensch van sterrenrestaurant Le Jardin de Benjamin op Château de Berne in Lorgues. In die Jardin heeft chef Benjamin Collombat een ster bij elkaar gekookt. Voor de naastgelegen Bistro verdiende hij een Bib Gourmand: je kunt er voor een redelijke prijs lekker eten in de prettige tuin van het wijndomein. Nou, dat wilden we wel. Het was er druk, maar de bediening was in eerste instantie vlot en professioneel vriendelijk. We kozen uit de beknopte kaart. Ik iets van kalfsachtig draadjesvlees, de echtgenoot een tonijnbiefstukje. Geen klachten, behalve dan dat het kalfje nogal droog was en de in een basilicumsaus verzopen tonijn behoorlijk rauw. Daar kun je over klagen. Besloten we niet te doen. Gewoon koffie bestellen en genieten van een mooie zondag. Had gekund. Als er nog iemand van de bediening in de buurt van ons tafeltje was gekomen, of onze kant had uitgekeken. Na een hele sigaar en een half uur wachten was de lol eraf, we gingen weg. Aan de bar werd onze rekening achteloos afgehandeld.
Thuis zei de echtgenoot na een uurtje dat hij zich niet zo lekker voelde. De rest van de dag, en de nacht, en de volgende ochtend heeft hij z’n longen uit zijn lijf gekotst. Atypisch gedrag, de echtgenoot beschikt over een maag van beton. Er was maar één conclusie mogelijk: voedselvergiftiging, die vis. En toen moest de week nog beginnen.
Het woei maandag, hard. Zijn we gewend. Je sjort wat tuinstoelen vast, kijkt of er geen dakpannen losliggen, dat werk. Er zou een bestelling worden afgeleverd, een nieuwe houtkachel zodat we er komende winter weer warmpjes bijzitten. Ik had de leverancier tevoren gewaarschuwd: smal paadje, kan geen dikke vrachtwagen langs. En jawel, halverwege de middag een belletje van de chauffeur: “Ik sta hier aan de départementale. Ik kan nóóit dat paadje af!”
Zuchtend legde ik de achterbank van de Fiat Panda plat. Ik had er al eens een wasdroger in vervoerd, zo’n houtkachel zou ook wel kunnen. Kon inderdaad. Moet je ‘m er alleen wel in (en weer uit) zien te krijgen, zo’n kachel weegt lood. De chauffeur was nog net genegen om het ding in de auto te tillen, daarna ging hij er als een haas vandoor. Gelukkig was de buurman van een eind verderop bereid om de nog steeds kostzieke echtgenoot te helpen bij het lossen.
Maandagavond begon redelijk. Maar toen het tegen negenen echt begon te stormen legde ik preventief de zaklampen onder handbereik. De echtgenoot vond dat hij nog wel even zònder kon gaan kotsen. Vanzelfsprekend viel toen de stroom uit. Die ging pas een half uur later weer aan. Om weer uit te vallen, weer aan te gaan, weer uit te vallen. We zijn maar naar bed gegaan. Lezen bij het licht van een zaklamp, het is niks.
Op dinsdagochtend ontdekten we dat we ook geen internet meer hadden. Het noodnummer van Orange wist te melden dat er een belangrijke storing was. Dat kon ik beamen, ik ging deadlines missen. Bij navraag bleek er ergens boven het dorp een boom op een leiding te zijn gevallen, iedereen zat zonder, dus ook de kassa’s in de épicerie, het café, de tabac en de cave werkten niet. Daar deed niemand moeilijk over: je betaalde cash of op de pof. Alleen de mairie ging dicht wegens ‘chomage technique’. Maar daar zat niemand mee.
Woensdag zou de plombier komen om de nieuwe kachel aan te sluiten. Hij kwam niet. Ik had hem al de hele vorige week ‘gestalkt’ – het is niet zo’n vlotte – maar hij had op geen enkel telefoontje, smsje, emailtje gereageerd.
Vanmiddag stond hij ineens voor de deur. Excuses, hij had zijn mobieltje bij een klant laten liggen en die was intussen op reis gegaan. Gelul natuurlijk, en hij wist ook wel dat wij dat wisten. Maar met een beetje mazzel heeft hij volgende week “echt, heus, beloofd” het laatste ontbrekende onderdeeltje voor de kachelpijp en dan…
“Bien sûr!” knikte ik, terwijl ik zijn glas nog eens bijvulde; een goede plombier moet je te vriend houden.
“Vous êtes en France madame”, meldde de inmiddels weer opgeknapte niet zo francofiele echtgenoot fluisterend in de langsloop, met de kurkentrekker op weg naar een nieuwe fles.
Maar dat wist ik zo langzamerhand wel.

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

10 gedachten over “Een rare week

  • do 4 oktober 2018 om 19:00
    Permalink

    wat een méésterlijk eh meesteresselijk verhaal weer! Je schrijft zo heerlijk plastisch, alsof ik het zelf
    beleef! ?

    Beantwoorden
    • do 4 oktober 2018 om 19:05
      Permalink

      Nou, dat hoop ik niet voor je Elly. Je ziel en je zaligheid uitkotsen… En dan hebben we het niet eens over opruimen hè…

      Beantwoorden
  • do 4 oktober 2018 om 19:19
    Permalink

    Ik lees je niet, ik verslind je. En dan nog een keer en dan lees ik pas. Hihi. Hoop dat je begrijpt wat ik bedoel en uiteraard dat de echtgenoot weer mensch is geworden. En dat de stroom en het internet het vandaag gewoon blijven doen. Liefs

    Beantwoorden
    • do 4 oktober 2018 om 21:20
      Permalink

      Pauline, je t’embrasse! Merci!

      Beantwoorden
  • do 4 oktober 2018 om 22:55
    Permalink

    Ik kijk al uit naar het volgende verhaal,jij schrijft zo mooi, ik ben wel wat verwondert van de bistro in Berne , wij zijn daar al meerdere keren gaan eten en de service was uitstekend maar wij zijn daar dan in juni het begin van het seizoen dan zijn ze nog niet moe hé,

    Beantwoorden
    • vr 5 oktober 2018 om 17:16
      Permalink

      Merci Mia, je bent veel te aardig! En tja, een miskleun kan altijd, ook bij Berne.

      Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: