De goddelijke ambtenaar

“Zo, dus jullie willen trouwen…” zei de ambtenaar van de burgerlijke stand in Cagnes-sur-Mer in de Alpes-Maritimes.
“Ja”, zeiden Déborah en Jean-Claude, “graag, we houden van elkaar.”
“Gaan we niet doen”, zei de ambtenaar, “jullie verschillen 42 jaar in leeftijd. Ik vind dit maar verdacht. Ik ga naar de burgemeester.”
Die vond het ook maar raar, zo’n groot leeftijdsverschil, en meldde de tortelduifjes aan bij het parket in Grasse. De sinds twee jaar verloofde Déborah (38) en Jean-Claude (80), die keurig de huwelijkse voorwaarden in een pre-contract hadden vastgelegd, werden als misdadigers verhoord, ieder apart, en met impertinente vragen – jawel, ook over hun seksleven – bestookt tot ze er tot op het bot beledigd en diep geschokt de brui aan gaven in plaats van een bruiloft te vieren.
Ik las het op Valentijnsdag in de krant en ik dacht: ‘waar bemoeit zo’n overheid zich mee? Waar haalt zo’n ambtenaartje de gore onbeschaamdheid vandaan om twee mensen die hij niet kent al op voorhand vanwege hun verschil in leeftijd als ‘verdacht’ aan te merken? En ze als de eerste de beste verklikker aan te geven? Wat ben je dan voor gefrustreerde lulhannes? En wat doe je dan als er bijvoorbeeld – ik noem maar wat – een mevrouw met een meneer aan komt zetten die jonger is dan zij? Iemand die later zomaar president van de republiek zou kunnen worden. Of twee mannen, of twee vrouwen? Of Gordon met z’n zoveelste ‘grote liefde’? En al zou ik die ambtenaar in het laatste geval waarschijnlijk wel snappen, dat geeft hem nog niet het recht om voor godje te spelen. Misschien was die Déborah wel een ‘golddigger’, of die Jean Claude een ouwe snoepert, maar wat gaat jou dat aan? Ze willen een boterbriefje, ze hebben alle papiertjes netjes op orde; láát die lui!
“Ach”, zei de kroegbazin schouderophalend toen ik het tijdens het apéro ter sprake bracht, “overheden…, hoe kleiner het ambtenaartje, hoe groter de broek die hij aantrekt. We hadden er hier op het gemeentehuis ook zo eentje in de tijd dat Jean en ik trouwden. Of Jean wel kon aantonen dat hij me kon onderhouden. Ja, dat was wel een jaartje of dertig geleden hè. ‘Nee’, zei Jean, ‘zij gaat mij onderhouden.’ Geintje. Maar we moesten toch wel mooi aantonen dat de kroeg, die we van m’n ouders overnamen, voldoende zou opleveren voor ons levensonderhoud, en dat Jean me niet om m’n poen wilde trouwen.”
Die ambtenaar is er niet meer, maar de mentaliteit blijkbaar nog wel. Big Brother is niet alleen ‘watching you’, maar bepaalt ook wat goed voor je is. En nee, dat weet je zelf niet beter. Meent de overheid.
Big Data is eng, maar de lokale dorpsbedisselaar is minstens zo griezelig. George Orwell zou er zomaar een roman over hebben kunnen schrijven.

Kijk, Zuid-Frankrijk!

Een idee van Renée Vonk-Hagtingius, schrijver, journalist, copywriter, vertaler en hoofdredacteur van www.coteprovence.nl

2 gedachten over “De goddelijke ambtenaar

  • do 15 februari 2018 om 18:18
    Permalink

    Nou, laat de hele ambtenarij achter je en maak bij de notaris een testament en/of een samenlevingskontrakt.
    Goed weekend Renée en zonder ergernissen.
    Jacqui.

    Beantwoorden
    • do 15 februari 2018 om 20:45
      Permalink

      Nergens last van Jacqui. En dat goede weekeinde gaat wel lukken, dus ik wens jou hetzelfde toe.

      Beantwoorden

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: